DE ROARING EIGHTIES

 

Post van een beroemde, schrijvende & hooglerende Arktosiet:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Dichtersforum ter gelegenheid van het 13e lustrum, 25 februari 1982:


 

↓↓↓↓↓↓↓

Van een van de uitgenodigde dichters, Martin Reints, werd het gedicht 'Meisje' gepubliceerd in de lustrumalmanak 1982:

 

 

 

↓↓↓↓↓↓↓

En een foto van het dichtersforum, op de sociëteit van het ASC/AVSV op de Raamgracht:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Convo 1983, met daarin o.a. aangekondigd een discussieavond over feminisme en de Arktos-verfilming van Hugo Claus' Na de film voor het Aeneas-filmfestival:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Brief van Mercedes (jaar '83) die overstapte van Pinot naar Arktos:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Constitutiekaartje Arktos-bestuur 1985-1986:

 

 

↓↓↓↓↓↓↓

Zomaar wat Arktos-post... juni 1986:

 

↓↓↓↓↓↓↓

En altijd weer die wanbetalers... ca. 1986:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Pagina's van het jaar '82 in de lustrumalmanak 1987:

 

 

 

↓↓↓↓↓↓↓

Diesviering 1987:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Verslag van Maaike (jaar '88), geschreven tijdens haar groentijd:

Het ontbijt met Hera (in het holst van de papen)

Ik ben géén ochtendmens. ‘s Ochtends houd ik niet van mensen, ook niet van mijn zus, van wie ik ‘s middags en ‘s avonds wel houd. Waar ik ‘s ochtends al helemaal niet van hou is van vreemden. Om met vreemden te kunnen praten moet je toch wel een beetje spontaan zijn. Ik ben eigenlijk niet zo spontaan en ‘s ochtends dus al helemaal niet. Die ochtend wilde ik dat al die jongens in hun ochtendjassen met hun brakke hoofden en harde stemmen en hun ochtendpraatjes weer terug zouden gaan naar hun bed, zodat ik heel misschien mijn humeur zou kunnen vinden. De enige die vreemd was en toch aardig, was de poes van het Hera-huis. Poezen zijn wel aardig, die zijn tenminste stil.

Nog erger was de gewenste kledij waarin ik ‘s ochtends moest verschijnen. Een jurk, panty’s en hoge hakken. Ik zag de groencommissie teleurgesteld kijken, maar ja als gezellig meedoen the name of the game is dan heb je aan mij toch de verkeerde, en zeker tijdens zo’n groentijd verdwijnen inspiratie, motivatie en inzet als sneeuw voor de zon. Bij mij in ieder geval wel.

Achteraf gezien denk ik ook dat de timing verkeerd was en dat je als groentijdloper dingen vanuit een ander oogpunt bekijkt. Alle activiteiten worden op een gegeven moment afgewogen tegenover de vrijheid; de vrijheid om te doen wat je zelf wilt. Gek is het dan niet dat op alles in de groentijd wel wat aan te merken valt.

Het verlangen naar het einde is op het laatst zo groot dat dat het enige is wat er door je hoofd speelt. (Je zou er je ouwe oma nog voor van kant maken) (geintje)

Maaike

↓↓↓↓↓↓↓

De betekenis van Arktos door de jaren heen? Uit Arktos' lustrumalmanak bij het 14e lustrum in 1987:

 

↓↓↓↓↓↓↓

Opdracht groentijd 1988: schrijf op waarom je naar Arktos wilt:

Delft, woensdag 26 oktober 1988

Zeer Geachte Leden van het Dispuutgenootschap Arktos, ofwel:

Geachte Vrouwen,

De vraag waarom men, en in dit geval, ik naar het dispuut Arktos wil is gemakkelijk gesteld. En makkelijk te beantwoorden.

Waarom wil ik bij Arktos ‘horen’, waarom zou je je überhaupt onderdompelen in een groep. Veilig is het, jawel; je hoeft nooit meer in je eentje te eten en niet meer ‘s avonds alleen over straat. Als je een troepje jolige meiden ziet zitten kun je tenminste ook zeggen dat je ergens bijhoort. Samen zijn we sterk, en zo. Fraai is dat.

Er is mij zo zoetjesaan enige twijfel gerezen. En zo langzamerhand weet ik het zeker: bij Arktos zit ik dan verkeerd.

Volgens mij hebben die zelfbewuste vrouwen Van Hak Maar Lekker Door het niet zo op met clubjes en kransjes en wat dies meer zij. En toch geloof ik dat het illustere dispuutgezelschap Arktos bestaat bij de gratie van het groepsgebeuren, ondanks zichzelf; al die wrevelige dames die luid verklaren iets te hebben tegen clubjes komen minstens één keer per week samen om daar met gelijkgestemde lieden over van gedachten te wisselen in groepsverband. Om elkaar het verhaal te vertellen van de groep die geen groep was.

Ik mag dat wel. In je eentje demonstratief geen groep vormen is wat al te gemakkelijk. Met meerderen die zich gebonden voelen door ongebondenheid blijft er altijd wel wat om over te praten. Of om je mond over te houden.

Daarom, vanwege die vorm der individuen en laat het dan een jolig clubje zijn, daarom wil ik wel bij Arktos. Leve de club.

Met Hoogachting,

Tessa

↓↓↓↓↓↓↓

Arktos' bekendste strijdlied, geschreven in de jaren tachtig (melodie: Aux Champs-Élysées):

O, stalen beha
O, stalen beha
Het gasfornuis gaat nu op slot
Ik sla de hele boel kapot
Geen vent doet mij dat na-ha
O stalen beha!